6 april 2016

Kunstgras

De afgelopen periode is er binnen de gemeenteraad en ook binnen de eigen fractie een discussie geweest over de aanleg van een kunstgrasveld. De aanleiding is de behoefte van de voetbalverenigingen om in perioden waarin de eigen natuurgrasvelden vanwege slechte weersomstandigheden onbespeelbaar zijn, gebruik te kunnen maken van een kunstgrasveld. Er worden twee kunstgrasvelden en een verlichtingsinstallatie op bestaande voetbalaccommodaties gerealiseerd.

Jack d’Hooghe gaf in zijn betoog aan dat de investering van gemeentezijde tot precedentwerking kan leiden. Doelend op de korfbalvereniging die eerder ook al cofinanciering gevraagd had voor de aanleg van een kunstgraskorfbalveld. Bovendien is dit moeilijk uit te leggen in een tijd van bezuinigingen.

Op dit moment is de intentie dat de onderhoudskosten en vervanging toplaag voor eigen rekening komen, maar wat als de clubs in financiële problemen komen? Er wordt onderschat wat het kost om alg- en mosvorming te bestrijden en het controleren en aanvullen van de laagdikte van het rubber.

Ingrid Wojtal gaf aan dat zij zich met name zorgen maakt over de gezondheid- en milieurisico’s. De korrels van siliconen of rubber voor de vulling worden gemaakt van gerecyclede autobanden en kunnen zware metalen bevatten die slecht zijn voor het milieu. Verder kan het stinken. Het is geen fris spul: met name weekmakers en polycyclische aromaten (pak’s) kunnen kankerverwekkend zijn. Voordat kanker zich openbaart, kan zo dertig jaar verstreken zijn. Ook bij asbest duurde het erg lang voordat het verband werd bewezen.

De toplaag van een kunstgrasveld (40% van de investering) is na 10 tot 15 jaar versleten. Dat brengt grote hoeveelheden afval met zich mee. Er spoelen verder zware metalen (vooral zink) in de vulling weg naar de ondergrond. Het is nu al bekend dat 3 jaar na aanleg de beleidsnorm bouwstoffenbeleid voor uitloging van zink wordt overschreden. Wethouder Begijn hield een betoog waarbij hij nut en noodzaak aangaf van kunstgras voor de voetbalclubs. Uiteindelijk stemden Cor Reijn en Johan van der Ha voor de aanleg van kunstgras en bleven Jack d’Hooghe en Ingrid Wojtal bij hun standpunten.